Competentie Verbindend leiderschap

Competentiekluster Sturen en Begeleiden

Verbindend leiderschap

Definitie

Synergie aanbrengen in een groep medewerkers, onderlinge betrokkenheid stimuleren en medewerkers motiveren tot doeltreffende samenwerkingsverbanden.

Gedragsindikatoren

  • Nodigt medewerkers uit om hun inbreng te geven.
  • Inspireert medewerkers.
  • Zorgt ervoor dat samenwerking en samenhang tot stand komen.
  • Zorgt voor continue en open communicatie o.a. door zelf het goede voorbeeld te geven.
  • Weet mensen te stimuleren tot het vinden van oplossingen bij belemmeringen tussen personen.
  • Organiseert besluitvorming zodanig dat iedereen zijn bijdrage kan leveren zodat er een goed draagvlak ontstaat.

Expertisevragen

  • Wat zijn je ervaringen met leidinggeven?
  • Heb je wel eens leiding gegeven aan een projectgroep, waarvan de leden - hiĆ«rarchisch gezien -niet onder je stonden? Hoe heb je dat gedaan?
  • Kun je een voorbeeld geven van een van de moeilijkste groepen waar je medewerking van moest zien te verkrijgen? Wat voor formele positie had je naar die groep? Wat heb je gedaan?
  • Geef een voorbeeld van een verandering die je hebt doorgevoerd. Werd je idee geaccepteerd? Wat heb je daarvoor gedaan?
  • Hoe vaak overleg je met je directe medewerkers? Waarom vinden overleggen in deze frequentie plaats? Hoe bereid je je voor op overleg?
  • Wat was het laatste belangrijke onderwerp waarbij je medewerkers hebt betrokken? Hoe heb je dat gedaan?
  • Heb je wel eens moeten bemiddelen in een samenwerkingsconflict tussen twee medewerkers? Wat heb je ondernomen om deze medewerkers in staat te stellen beter samen te werken?
  • Als leidinggevende kun je allerlei motivatietechnieken hanteren. Kun je voorbeelden geven welke volgens jou goed werken en waarom?

Ontwikkeltips

  • Zorg voor bereikbaarheid en voor korte lijnen tussen leidinggevende en medewerkers. Zorg dat je weet wat er speelt onder de medewerkers.
  • Let op en stimuleer ook anderen om tijdens overleggen de volgende punten in de gaten te houden:
  • Wordt iedereen uitgenodigd om zijn/haar mening te geven?
  • Komen alle agendapunten aan bod?
  • Komen alle teamleden voldoende aan het woord?
  • Wordt er iets gezegd over de geleverde resultaten van het werk, worden er -indien mogelijk- complimenten gegeven?
  • Worden er voldoende afspraken gemaakt om problemen op te kunnen lossen?
  • Organiseer afstemming over taken met andere organisatieonderdelen. Je kunt hiermee ook voorkomen dat zaken dubbel gedaan worden.
  • Denk na over de teamsamenstelling. Sluiten de competenties van het team en van de individuele medewerkers aan bij de te verrichten werkzaamheden en bij de affiniteiten van de medewerkers?
  • Benoem en vier successen.
  • Organiseer (informele) ontmoetingen.
  • Zorg ervoor dat conflicten tussen teamleden en teams opgelost worden. Plan een sessie met de betreffende teamleden/teams. Laat ieder zijn/haar visie op het conflict naar voren brengen. Vraag om wederzijds begrip en probeer samen een oplossing te formuleren.
  • Ga een projectgroep of vergadering voorzitten. Spreek de ervaringen na met je leidinggevende of begeleider.
  • Neem een voortrekkersrol bij een groep die iets moet organiseren zoals een themamiddag, personeelsuitje, etc.